Kaarsje branden
Een tijdje terug fietste ik langs De Witte Kerk toen een aantal kinderen bij de voordeur stond. Ze bekeken aandachtig het bordje en verbaasden zich over de hoogte van de toren. Of ze wel eens ín de kerk waren geweest, vroeg ik. En of ze dat wilden. En zo gebeurde het dat er onverwacht een aantal stuiterballen door de kerk holden: eerst naar boven waar het uitzicht werd bewonderd, later in de kerkzaal waar de kansel op flinke belangstelling kon rekenen en de microfoon vrijmoedig werd uitgeprobeerd.
‘Waarom staat hier eigenlijk zo’n grote kaars?’ vroeg een nieuwsgierig jongetje, toen zijn oog viel op de paaskaars. Dus ik legde uit dat deze kaars iedere zondag brandt als teken dat er licht is dat het duister overwint. Hij nam het voor kennisgeving aan, maar bleek er toch over te hebben nagedacht, want later kwam hij er nog even op terug. ‘Ik ben een beetje bang in het donker,’ vertrouwde hij me toe. Ik vond het dapper dat hij dat zei, maar zijn vriendjes keken er totaal niet raar van op en begonnen al snel hun eigen angsten op te biechten. Bang voor insecten en spinnen, bang om een slecht cijfer te halen of om te vallen tijdens het mountainbiken. Allemaal angsten waar iedereen zich wel iets bij kan voorstellen en waarbij begrijpend werd geknikt.
‘Wat doe je dan om je angst de baas te worden?’ vroeg ik ze. Er kwamen de mooiste oplossingen. Van je ouders vragen om enge beestjes te vangen tot blijven proberen en doorzetten. Het jongetje dat bang was in het donker, liet gewoon een lampje branden wanneer hij slapen ging. ‘Dat is precies waarom we in de kerk ook vaak een kaarsje branden,’ zei ik. ‘Om te blijven herinneren dat als het donker is, er ook altijd licht zal zijn.’
Vervolgens gingen we de trap op naar boven. Van daaruit kun je over het dak lopen naar de andere kant van de kerk. Wel een beetje griezelig: het is er pikdonker. De jongen deinsde angstig terug. ‘Hier is een kaars,’ zei ik. ‘Steek hem maar aan.’ Dat hielp. Hij liep fier vooruit. De kaars naar voren. Hij was het donker de baas geworden
Esmeralda
MANDEMAKER
Woont: in Noordwijkerhout | Leeftijd: 48 jaar | Beroep: predikant De Witte Kerk in Noordwijkerhout | Hobby’s: wandelen, lezen | Favoriet vakantieland: Kroatië
FOTOGRAFIE Sandra Aartman